De meeste lopers vrezen langere afstanden dan hetgeen ze gewend zijn. Karel Sabbe is met zijn ijzersterk lichaam en wilskracht van staal op veel regels de uitzondering. Ook hier. Eind augustus neemt hij voor het eerst deel aan de UTMB, de bekendste trailwedstrijd ter wereld. Een 100 miler rond de Mont-Blanc en dus een stuk korter dan zijn laatste onderneming van zo’n 3.000 kilometer door Nieuw-Zeeland. Hoe bereidt de bekendste trailrunner van ons land zich daarop voor? En wat verwacht hij er zelf van?
Hoogtestage

Het is vrijdag 1 augustus als we Karel Sabbe kunnen strikken voor een telefoongesprek. Terwijl hij met een auto volgeladen met loopschoenen koers zet richting Sankt Moritz, neemt hij ruim de tijd om onze vragen te beantwoorden.

Sankt Moritz dus, een Zwitsers skidorp dat in de atletiekwereld bekend staat als één van dé uitvalsbasissen voor hoogtestage. Is de hoogte en daarbij gepaarde fysiologische veranderingen van het lichaam ook de reden van Sabbe zijn volksverhuis? “Onder andere ja”, verklapt hij. “Twee weken op hoogte doorbrengen kan zeker geen kwaad. Daarnaast is dit een perfecte basis voor trails, mijn partner ON zit hier gevestigd en in het Intersoc hotel kan ik er makkelijk een beetje vakantie met het gezin aan koppelen.”

Want we zouden het haast vergeten, maar Sabbe is naast trailloper ook nog altijd papa en tandarts. Ondanks zijn voorbereiding op de UTMB de Mont Blanc bleef hij die laatste twee rollen vervullen.

Sfeer opsnuiven

De UTMB is één van de meest bekende trailruns ter wereld. Toch stond Sabbe nog nooit eerder aan de start van deze mythische race. Hij liet zich eerder verleiden door FKT (Fastest Known Times) waarin hij vaak wekenlang onderweg was. Waarom dan nu de keuze voor ‘ocharme’ 174 kilometer?

“Het idee om deze wedstrijd ooit eens te lopen zat altijd wel in mijn achterhoofd, maar pas vorig jaar werd het concreter. Ik was met ON aanwezig op de laatste editie en merkte hoe uniek het hele gebeuren is. Helemaal anders dan wat ik gewend ben. Ik wil graag de vibe van de massastart ervaren en de sfeer van de duizenden mensen langs het parcours meemaken. Dit jaar komt ook goed uit. Met mijn laatste FKT in Nieuw-Zeeland heb ik een solide basis gelegd met meer dan 100 ‘trainingsuren’ in een week, voor een nieuwe FKT is het toch nog te vroeg en ik ben nog op een competitieve leeftijd”, aldus de 35-jarige atleet.

“Ik wil graag de vibe van de massastart en de sfeer van duizenden supporters ervaren.”

Loopmachine

Hoewel Sabbe dat laatste argument aanhaalt, blijken zijn ambities niet torenhoog te zijn. “Ik maak me geen illusies. Ik ga niet kunnen concurreren met de toppers aan de start”, klinkt het meteen. “Er zijn Amerikanen die naar de Alpen verhuizen, specifiek voor deze wedstrijd. Als eliteatleten aan het rusten zijn, ben ik aan het werken in de tandartspraktijk. Het niveau is zo hoog en iedereen traint volgens goede en logische principes. Plus, ik start niet eens in het elitevak.”

Zijn nuchterheid staat zijn drang om er alles uit te halen evenmin niet in de weg. “Ik heb geen ervaring met mij op 24 uur tijd volledig leeg te lopen, maar ik heb wel een lichaam dat veel aankan. Mijn lichaam is intussen een loopmachine en gewend aan lopen op vermoeide benen. Ik hoop daardoor minder te verzwakken in het tweede deel dan de anderen. Waar het me brengt zullen we zien, maar ik ga zeker alles geven.”

Parcoursverkenning

Dat Sabbe het serieus neemt, blijkt ook uit zijn voorbereiding. Hij heeft enkele weken geleden het parcours verkend zodat hij weet waar hij voorstaat. “Dat was voor mij heel belangrijk, ja. Ik wil weten waar het echt loopbaar is en waar ik met de techniciteit rekening moet houden. Dat viel goed mee. Ik vond maar 10% echt technisch. Het deel dat ik ’s nachts zal afwerken heb ik ook al eens in het donker gedaan ter simulatie. Nadien heb ik de hellingen thuis op de loopband getraind. De lange afdalingen hoop ik op stage nog in de benen te krijgen.”

“Ik vond maar 10% echt technisch.”

Het parcours boezemt hem dus niet zoveel angst in. Op training ging de focus daardoor vooral naar snelheidsprikkels en voeding. Dat laatste bleek de grootste uitdager. “In die tien jaar ultralopen heb ik nooit iets gedaan waarbij ik nooit normale voeding kon eten. Tijdens de Barkley Marathons was ik constant in beweging, maar vaak al wandelend waardoor ik wel boterhammen, snickers etc. kon eten. Nu ligt de intensiteit veel hoger, dus daar moest ik mijn maagdarmstelsel op trainen.”

“Qua training vielen de aanpassingen wel mee. Ik heb altijd geloofd in het feit dat ultralopers snelheidsprikkels nodig hebben en niet enkel volume moeten draaien. Ik doe dus altijd VO2max-trainingen en lactaatdrempeltrainingen, maar de laatste vier maanden gewoonweg consistenter om het systeem wakker te schudden.”

Eén keer en nooit meer?

“Het wordt mijn eerste en waarschijnlijk enige UTMB” schreef Sabbe zelf onlangs op zijn sociale media. Een uitspraak die we hem graag voorleggen. “Ik ben inderdaad vrij zeker dat het bij die ene keer zal blijven. De UTMB is ligt echt aan het ander uiterste van het spectrum van wat ik gewoonlijk doe. Ik loop graag in de rust, de natuur en met vrienden dicht bij mij. Het kwalificatieproces rond de UTMB is ook veel te omslachtig voor mij. In oktober heb ik in Amerika gelopen en in november in Zuid-Afrika. Voor het elitevak had ik eigenlijk nog een UTMB moeten lopen maar daarvoor had ik mijn trainingen veel te fel overhoop moeten gooien. Als je elk jaar je agenda zo naar deze wedstrijd moet schikken, nee bedankt.”

“De UTMB ligt aan het ander uiterste van het spectrum van wat ik gewoonlijk doe.”

ON trailschoen

Sabbe is al jarenlang ON-atleet en kreeg onlangs ook inspraak in de ontwikkelingen van een ON trailschoen. “De energy return was voor mijn superbelangrijk”, vertelde hij daarover. “Zeker bergaf en in de vlakke stukken is dat element cruciaal. Daarnaast is comfort ook essentieel: de schoenen moeten zacht blijven aanvoelen. Bij ON zijn ze daar supergoed in geslaagd”, aldus Sabbe.

Op vrijdag 29 augustus is het zo ver. Dan begint Karel Sabbe aan zijn doortocht van 174 kilometer rond de Mont-Blanc.